Spraakgebruik rondom spoor 2 suggereert soms dat het een laatste redmiddel is. In de praktijk kan tijdig inzetten van spoor 2 re-integratie juist ruimte creëren: voor herstel, voor ontwikkeling én voor het beheerst houden van kosten.
Onderstaand praktijkvoorbeeld laat zien hoe een strategische inzet van spoor 2 kan bijdragen aan duurzame inzetbaarheid en een zorgvuldig proces richting het UWV.
Achtergrond en uitgangssituatie
In een recent spoor 2 traject begeleidde ik een schooldocente met langdurige energetische beperkingen. Zij was gemotiveerd om te blijven werken en wilde perspectief behouden op duurzame arbeidsparticipatie. Tegelijkertijd bleek haar belastbaarheid structureel onvoldoende om het eigen werk voor de klas op een gezonde manier vol te houden.
Gedurende het eerste ziektejaar werd duidelijk dat, ondanks inzet op herstel en werkhervatting binnen spoor 1, de belastbaarheid kwetsbaar bleef. Daarbij speelde mee dat zij gedurende haar loopbaan weinig ruimte had genomen om stil te staan bij haar eigen grenzen en behoeften. Het herkennen van signalen van overbelasting en het onderscheid tussen voelen en denken waren onvoldoende ontwikkeld, wat in de loop der jaren had geleid tot een geleidelijk verlies van energie.
Herstel vroeg daarom niet alleen om medische begeleiding, maar ook om persoonlijke ontwikkeling.
Afweging en tijdige keuze voor spoor 2
Op basis van de voortgang en belastbaarheid werd relatief vroeg in het tweede ziektejaar duidelijk dat terugkeer binnen de eigen organisatie waarschijnlijk geen duurzame oplossing zou bieden. In overleg is daarom gekozen om spoor 2 re-integratie tijdig in te zetten, met als doel het vinden van passend werk buiten de eigen werkgever.
Deze keuze bracht rust en duidelijkheid. Niet door los te laten, maar door bewust te kiezen voor een route die zowel herstel als toekomstperspectief ondersteunde en tegelijkertijd bijdroeg aan zorgvuldige kostenbeheersing.
Aanpak: parallel werken aan ontwikkeling en re-integratie
Tijdens het spoor 2 traject liepen behandeling en re-integratie parallel. Vanuit mijn rol als toegepast psycholoog begeleidde ik de werknemer op persoonlijke effectiviteit, het herkennen en respecteren van grenzen, bewuste energieregulatie en het onderscheid tussen denken en voelen in werksituaties.
Binnen het spoor 2 re-integratietraject werd gewerkt met kleine, afgebakende opdrachten. Dit gaf structuur, overzicht en veiligheid en bood voldoende ruimte voor reflectie en herstel.
Naast de begeleiding van de werknemer bewaakte ik ook het belang van de werkgever door het traject zorgvuldig, transparant en aantoonbaar uit te voeren. Dit is van belang omdat het UWV bij de WIA-beoordeling toetst of de inspanningen binnen spoor 2 voldoende zijn geweest.
Werkervaringsplaatsen en opbouw van belastbaarheid
Binnen het tweede spoor startte de docente met een eerste werkervaringsplaats in een administratief ondersteunende functie. Deze rol sloot beter aan bij haar belastbaarheid: meer achter de schermen, op eigen tempo en met minder prikkels dan haar eerdere functie in het onderwijs.
Binnen drie maanden bouwde zij haar werkzaamheden uit naar twaalf uur per week. Door deze succeservaring nam haar zelfvertrouwen toe en verbeterde haar energieniveau merkbaar.
In de volgende fase ontstond de behoefte aan meer inhoudelijke en mentale uitdaging. In overleg werd gezocht naar een tweede werkervaringsplaats. Tijdens dit proces oriënteerde zij zich opnieuw op de arbeidsmarkt, solliciteerde actief en vond een tweede organisatie waar zij haar uren en taken verder kon opbouwen.
Werk, ontwikkeling en herstel bleven hierbij voortdurend op elkaar afgestemd.
Resultaat: duurzame uitstroom en kostenbeheersing
Tijdens de tweede werkervaringsplaats bouwde de docente haar uren op naar 32 uur per week, het aantal uren waarvoor zij oorspronkelijk een arbeidsovereenkomst had bij de school. Zij werkte een periode op detacheringsbasis, waardoor loonkosten deels konden worden verrekend.
De WIA-beoordeling resulteerde in een arbeidsongeschiktheidspercentage van minder dan 35%, waardoor geen aanspraak op een uitkering ontstond. Na afloop van de twee ziektejaren tekende zij een rbeidsovereenkomst voor 32 uur per week bij de nieuwe werkgever.
Reflectie: wat spoor 2 re-integratie kan opleveren
Dit praktijkvoorbeeld laat zien dat:
- tijdige inzet van spoor 2 kan bijdragen aan kostenbeheersing voor werkgevers;
- ruimte geven en vertragen essentieel zijn bij werknemers met energetische beperkingen;
- parallel werken aan persoonlijke ontwikkeling en re-integratie leidt tot duurzame uitstroom;
- detachering binnen spoor 2 kan bijdragen aan het beperken van loonkosten;
- spoor 2 geen laatste redmiddel is, maar een bewuste strategische keuze richting duurzame inzetbaarheid.